Jeugdspelers opleiden voor een A kern. Het moet
de bedoeling zijn om jaarlijks eigen jeugdspelers “aansluiting” te geven met A kern. Daarom is het evident dat de jeugdopleiding een voorname rol moet spelen
binnen het clubgebeuren.
Aanbieden van optimale begeleiding.
Kwaliteitsvolle jeugdtrainers zijn een “must” in elke club , zij zorgen samen
met de TVJO / TC en de sportieve cel dat de doorstroming geleidelijk maar vlot
verloopt. Tevens steunen vóórnoemdende
sociale omgang en opvoeding van elke jeugdspeler naar best vermogen.
Met “eigen” jeugd “werken”. Dat jeugdspelers van
clubs uit de buurt de rangen komen versterken moet een natuurlijk gebeuren zijn
, m.a.w. wij zullen geen agressief beleid voeren waarbij men buurtploegen
“tegen de haren instrijkt”.
Samenwerkingsverbanden met club(s) uit de regio
aangaan, om meer spelers te kunnen laten spelen (grenzen verleggen), is een
delicate opdracht.
Laat ze deel uitmaken van eventuele
nevenactiviteiten (sociaal gebeuren). Dat spelers , die niet tot de “geboren
talenten” behoren , zich moeten kunnen ontplooien ook naast het veld , staat
buiten kijf.
VISIE :
Bij het jeugdvoetbal moet het kind centraal
staan , de opleiding moet primeren en zal hetresultaat van de wedstrijd van ondergeschikt belang zijn. Techniektraining
moet de rode draad zijn door de ganse jeugdopleiding , conditie
en tactiek worden hieraan geleidelijk aangepast.
De trainingen moeten wij vooral baseren op techniek. Van statisch, naar techniek in beweging en later onder druk van
tegenstrever. (Onder druk verliest men meestal alle overzicht). De technische
training moet als een rode draad doorheen de ganse opleiding lopen.
Fun : is niet het toverwoord , maar zonder plezier
op training en gedurende de wedstrijden is er geen beleving. De spelertjes
moeten “graag komen” , daarom vinden wij het belangrijk dat:
ze veel steun en vertrouwen krijgen
we geen druk naar resultaten leggen
we ze positief coachen
we steeds bereikbaar en luisterbereid zijn
we ze aanmoedigen op een “evenwichtige” manier.
Iedere
speler moet voldoende speelgelegenheid krijgen . Iedereen komt
weleens aan de
beurt als bankzitter. Iedereen verschijnt wel eens graag aan de aftrap.
MAAR: IEDER SPELER SPEELT MINSTENS DE HELFT VAN DE
WEDSTRIJDDUUR !!
De
oefenstof moet :doelgerichtzijn , in functie van
spelprobleem en vaardigheden van de spelers. Moet uitdagend zijn
, en eveneens aan het niveau aangepast. Het moet alleaspecten van het voetbal aan bod laten komen .
Evaluatie
: ons streefdoel moet zijn : 2 x per jaar , waarvan minstens 1 x met ouders
(b.v. tot en met knapen). Daarin moeten wij samen evalueren -niet alleen de
voetbaltechnische vooruitgang- maar ook hoe de speler zich sociaal en
emotioneelontwikkelt . Hoe groot is de
tevredenheid ?
Het gedrag - ook naast het veld-
, het geven van verantwoordelijkheid aan onze spelers , de fair-play
onderstrepen , het bijbrengen van respect voor de ganse entourage van onzeclub alsmede voor de
tegenpartij zijn belangrijke elementen die kaderen binnen een gezonde voetbalopvoeding
.
Het leerproces moet er een zijn
van : leren het probleem erkennen , en het door gericht coachen leren oplossen
.
Als
concept zien wij het Zonevoetbal , niet het concept van de
individuele dekking . De voordelen van het zonevoetbal zijn belangrijk in de
ontwikkeling als speler :
De trainingsmethode die wij
hanteren is deze van de wedstrijdmethode . Een combinatievan wedstrijdvormen en tussenvormen wordt
gegeven tussen de opwarming en de cooling down.
De veldbezetting
streeft naar een rationele bezetting van de bespeelbare ruimte bij elke
categorie.